Koetjes en kalfjes?

Runderen leven graag samen in groepen. Let maar eens op koeien in de wei. Vaak liggen ze in groepjes bij elkaar. Ze likken elkaars vacht en ruiken aan elkaar om contact te maken.Het lijkt allemaal heel mooi....

Een kaal en krap hok

Om melk te blijven geven, moet een koe eerst een kalf krijgen. Maar wanneer het kalfje bij de koe blijft drinken kan de boer de melk niet verkopen. Daarom worden de meeste kalfjes kort na de geboorte bij de koe weggehaald en verkocht aan een ’kalvermesterij’. Daar komen ze meestal met een paar soortgenootjes tussen stalen stangen te staan. De dieren staan op een gladde houten vloer met spleten en hebben geen stro om comfortabel op te liggen. In de eerste twee maanden worden ze zelfs apart vastgezet, om te voorkomen dat ze - op zoek naar de uier van hun moeder - elkaars urine gaan drinken. Als het kalf tussen 6 en 12 maanden oud is wordt het geslacht en verkocht als ’kalfsvlees’.

Ongezond voer

De mestkalveren drinken geen melk bij hun moeder. Zij krijgen twee keer per dag een emmertje kunstmelk. In deze namaak-melk zit weinig ijzer, een voedingsstof die nodig is voor de gezondheid. Door het tekort aan ijzer wordt hun vlees niet knalrood, maar blijft het 'wit' of rose. Veel mensen denken namelijk dat kalfsvlees lichter moet zijn, terwijl de kleur geen invloed heeft op de smaak van het vlees. Een derde van de kalveren krijgt voer met meer ijzer. Hun vlees is niet wit en niet rood, het is rose.

Melkkoeien

De kalfjes die langer dan een jaar mogen leven, hebben het ook lang niet altijd goed. Als ze volwassen zijn, worden sommige gebruikt als melkkoe. Als ze twee jaar oud is, krijgt een koe haar eerste kalf en maakt ze melk aan. Die melk is eigenlijk het voedsel voor het kalf. Al snel haalt de boer het kalf weg en kan hij de koe gaan melken.
Per jaar geeft een Nederlandse koe bijna 8000 liter melk. Dit is veel meer dan goed is voor haar gezondheid. En steeds meer boeren houden de koeien het hele jaar binnen. Dat is makkelijker voor de boer en er komt minder mest op het land. Als een koe na verloop van jaren niet genoeg melk meer geeft, wordt ze verkocht aan de slachterij.

Video: zero-grazing

Steeds meer boeren houden de koeien het hele jaar op stal. De dieren worden gemolken door een machine.



Meer films over koeien

Meststieren

Maar niet alleen de melkkoe eindigt in de slachterij. Dat geldt ook voor haar mannelijke collega de meststier. Meststieren groeien op een dieet van krachtvoer binnen 16 maanden uit tot een kolos van meer dan 600 kilo. Door hun enorme gewicht ontstaat schade aan hun gewrichten. Zij leven vaak met zes stieren in een kleine stal en komen bijna nooit buiten. Door de betonnen roostervloer krijgen ze pootgebreken. De echte zwaargewichten onder de vleesrunderen zijn de dikbillen. Deze dieren worden speciaal gefokt om extra veel bilspieren (dus extra veel vlees) te krijgen. Dit is eigenlijk een erfelijke afwijking waarmee een koe in de natuur niet zou overleven, omdat ze niet normaal van het zware kalf kan bevallen. Een dikbil-koe moet bevallen met een keizersnee en dat tot 4 jaar achter elkaar.

Het kan anders!

Bij de biologische boer kunnen de koeien minstens 120 dagen per jaar naar buiten en hebben ze stro in de stal. Ze krijgen gezond voer en grazen in weilanden waar geen kunstmest gebruikt is. Soms mogen de kalfjes langer bij de koe blijven, maar veel kalfjes worden nog in de bio-industrie vetgemest. Melk van biologisch gehouden koeien herken je aan het EKO-keur!

Wat vind jij?

Dikbilkoeien hebben een erfelijke afwijking in hun lichaam waardoor ze grotere spieren hebben. Zij leveren veel vlees en grotere runderlappen. Een groter kalf op de wereld zetten is moeilijker en pijnlijker voor de koe. De kalveren moeten vaak geboren woprden via een keizersnede.


Dikbilkoeien

Ik vind het fokken van dikbilkoeien:

goed0%
slecht0%
geen mening0%

Create an online survey quiz or web poll



Download deze pagina!

Je kunt deze pagina downloaden [174 KB] , als PDF-bestand.
Handig om uit te printen, of om uit te delen in de klas!